Cubaanse Cultuurschok
Het is ons gelukt om inderdaad om weg te blijven van de pc’s in Cuba. Het bleek achteraf dat er wel een aantal fatsoenlijke pc’s waren in de Etecsa (Cubaanse telefoon maatschappij) offices, maar het hield niet over. Dus vandaar dat er nu na geruime tijd, want Ruben en ik zijn alweer een week in Utrecht, een verhaal over Cuba op de website komt. Niet alleen voor jullie, maar ook voor onszelf. Je merkt dat het niet lijkt alsof je weggeweest bent als je je huis weer instapt, en het lijkt dus ook dat onze reis alweer zo ver weg is. Het is wel een grappig gevoel. Maar goed genoeg over thuis, meer over Cuba.
Onze reis naar Cuba was eigenlijk al apart: van Sao Paulo in Brazilie, via Lima in Peru naar San Salvador in El Salvador om daar een nacht te overnachten, om zo onze reis te vervolgen via San Jose in Costa Rica naar Havana in Cuba. We wisten niet echt wat we moesten verwachten, dus je kijkt natuurlijk je ogen uit. Op het eerste gezicht is er niet echt iets anders dan in de andere landen waar we zijn geweest, maar zodra je de weg opgaat krijg je gelijk te maken met vele paard met wagens, trucks afgeladen met mensen als sardientjes in een blik,
glimmende jaren ’60
old timers, Nederlandse gele bussen richting Amsterdam en heel veel lifters langs de weg. Op naar Guanabo, op weg naar het strand, eerst een paar daagjes rustig naar het strand, en dan naar Havana. De eerste casa particular voor ons die we dachten te hebben geboekt via het internet was helaas niet te vinden, ook al deed de taxi chauffeur echt zijn best. Dus toen casa Estrella proberen, met zwembad.
Estrella, een drukke blonde dame stelt haar huis beschikbaar voor touristen. Maximaal 2 kamers mag ze (van de regering) beschikbaar stellen waarvoor ze een vaste belasting per maand betaald. Ook als er geen touristen komen… dus een risico zit er wel aan vast. Maar goed ondernemen kan dus wel in Cuba. Heerlijk relaxen bij het zwembad, onze plannen uitdenken over de rest van Cuba en eten in gezelschap van Mauricio (Italiaan) & Janet (Cubaanse vriendin) en Enrico (spanjaard die al 15 jaar in Cuba komt). "Es Cuba, companera!" zijn de eerste woorden die ik leer op mijn vraag "Waarom is….."
Ons plan is om eerst Havana te bekijken, dan naar Santiago de Cuba te vliegen en met het openbaar vervoer verder te reizen terug richting Havana zodat we dan de laatste dagen nog naar het strand kunnen (bijvoorbeeld Cayo Largo del Sur). Na 4 dagen in Guanabo de eerste indrukken van Cuba te hebben gekregen waaronder bijvoorbeeld; aan eten komen is lastig, alleen een droge boterham is makkelijk aan te komen; Er zijn 2 munt eenheden, moneda nacional, wat de Cubanen voornamelijk gebruiken, en pesos Covertibles (staat ongeveer gelijk aan de US dollar) waar de touristen mee moeten betalen. Een peso convertibles is 24 moneda nacional. Overigens kan je, als toerist wel met beide munt eenheden betalen; De US dollar wordt geboycot; Mensen praten wel met je maar ook weer met een bepaalde behoedzaamheid, er is namelijk kans dat ze in de gaten worden gehouden door de politie. Er wordt dus niet over Fidel gepraat (wij noemen hem onderons "Grote smurf").
Havana is een mooie oude stad met heel veel verschillende facetten. De meeste gebouwen zijn colonial, maar heel slecht onderhouden. Hoe verder je van het oude centrum komt, hoe meer vervallen. Ik denk dat er geen geld is ingestopt sinds de revolutie. Of zitten we nog in de revolutie, vraag je je af als je over straat loopt…Nu begrijp ik ook waarom Castro nog steeds in zijn militaire outfit loopt, volgens hem is de revolutie nog steeds bezig. Leuzen op bill board, muren, affiches op gebouwen maken mensen daarvan bewust. De sfeer in de stad is vrolijk, overal komt muziek vandaan, in een schilderijen winkel staat een
band te jammen, bij het kroegje op de hoek wordt salsa gedanst op straat, in het park worden dansen uitgevoerd door de dans academie. Muziek en dans zit in het bloed bij de Cubanen, het is 1 met de cultuur. Ook is Havana de veiligste stad op de wereld, er staat namelijk op elke hoek een goed uitgeruste politie agent. Deze agenten houden alles goed in de gaten, en vooral dat de Cubanen zich gedragen… Vanuit onze casa particular Viviane aan de Obispo kunnen we het straatbeeld observeren, de sfeer opsnuiven en op de koop toe een praatje maken met de buren, en het uitgebreide ontbijt elke ochtend geeft ons een goede start. De plaza de revolucion geeft ons echt een gevoel van het
communisme, hier heeft Castro een van zijn eerste speeches gegeven, miljoenen mensen hebben hier op het plein gestaan om hem toe te juigen. Men stond toen zeker achter de idealen van de revolutie.
Onze laatste avond in Havana hebben we besteed aan salsa, maar niet naar de gewone toerist kroegen, maar naar een plek waar wij de enige toeristen waren: Asociacion de Canarie de Cuba. Samen met Rene, een vriend van Enrico (spanjaard die we in Guanabo hadden ontmoet), werden er mojitto’s gedronken, geluisterd naar muziek en vooral gekeken naar salsa. Tegen zoveel talent van de Cubanen kun je als Nederlanders echt niet op! Ruben probeerde het nog met een onvermoeibare danseres van 81. Swing it baby!
Santiago de Cuba gaf ons weer een ander beeld van Cuba. Iets kleiner dan Havana, dus iets intiemer, waar muziek en dans weer op een andere manier worden beleefd. In Santiago heeft Castro geprobeerd het regime van Batista aan te vallen, maar het aanval was mislukt, waardoor hij in 1953 naar de gevangenis op Isla Juventud werd veroordeeld. Doordat Batista de verkiezingen wilde winnen heeft hij al de gevangenen vrijspraak gegeven, waardoor grote smurf nog een aanval op Batista kon voorbereiden in Mexico. In 1956 kwam grote smurf terug met aanhang in de Gramna, een jacht wat nog steeds in Havana in het museum staat.
Na een paar dagen in Santiago, zijn we met de bus vertrokken naar Holguin. Hier kwamen we er achter dat je toch maar beter een auto kon huren, want anders zit je echt in de stad, en kan je verder weinig tot niets ondernemen. Er is nog steeds een transport crisis gaande in Cuba, omdat autos niet te betalen zijn voor Cubanen (salaris per maand = +-15 pesos convertibles), en er eigenlijk weinig bussen zijn. Liften is ook nog een optie, maar dat is een tijdrovende ervaring. Auto’s zijn een schaars goed zo merkten wij al snel, gelukkig waren we succesvol en hebben de meest ranzige huurauto gehuurd in ons leven, maar hij REEDT! Dus wat doe je dan, je bent vrij, op vakantie en mobiel, dan cross je naar Bahia de Naranjo (noord kust van oost Cuba) om daar met dolfijnen te zwemmen. Nee, geen wachtlijsten!!
Gewoon aankloppen en je kan zwemmen met dolfijnen. Het aquarium is gebouwd in de zee dus het is net in de natuur. Het was echt fantastisch, een hoogte punt. Normaal mag je natuurlijk geen zee dieren aanraken (Duik curcus 101), maar hier zijn de dolfijnen getraind om met mensen om te gaan en zijn ze ook niet bang voor je. Wij in het water met 2 dolfijnen, echt fantastisch! Ze zijn glad, warm, een grote spier en je ziet hierboven op de foto’s dat ze je ook kunnen dragen op hun neuzen!! Heel gaaf.
Trinidad en Cienfuegos zijn ook weer hele mooie plekjes in Cuba. De oude coloniale huizen, de paard met wagen, de borden over Che Guevara en jaren 60 auto’s zijn voor ons Cuba. De geinte
greerde culturen van de orgineel Afrikanen, de Latino’s en caribisch oorspronkelijke mensen is ook iets waar je u tegen kan zeggen. Je merkt hier eigenlijk niet dat mensen anders zijn, ook al is hun uiterlijk of achtergrond anders. Het regime van grote smurf is natuurlijk iets waar iedereen mee te maken heeft en een groot bindende factor is in de Cubaanse cultuur, en waardoor waarschijnlijk andere verschillen op de achtergrond treden.
Omdat we toch maar nog een auto hadden gehuurd, nadat we eentje hadden ingeleverd in Trinidad,
zijn we nog naar Vinales gereden. Deze regio staat bekent om zijn vele kalksteen heuvels (en grotten) zowel als het beste tabak in Cuba. De eigenaar van onze casa particular kwam al met zelf verpakte sigaren aanzetten om aan ons te verkopen. De mensen hier proberen alles om wat bij te verdienen. Grappig is dat dat juist het idealistische systeem van Grote Smurf de das om doet. Of anders gezegd, dat door het survival instinct van mensen het communistische systeem, waar je met zijn allen voor z’n allen werkt, niet werkt.
Maria de la Gorda konden we toch ook niet laten liggen,
het meest westelijke puntje van Cuba en het dichts bij Mexico liggend. Wij dachten, ach 150 km, dus iets van 1.5 uur, maar nee, 2.5 uur later zaten we nog in de auto, maar wel uitzicht op het strand. Uiteindelijk wel het desbetreffende strand bereikt, alhoewel we dat niet zonder slachtoffers hebben kunnen doen… De rode zee krab steekt van het moeras, de weg over naar de zee, en waneer je er in de auto langs komt kan je ze gewoon niet ontwijken omdat het er zo veel zijn. Geprobeerd hebben we het wel hoor. Hier gaven de palmbomen en zee een heerlijk verkoelend effect op het strand. Een voorproefje op Cayo Largo?
Cayo Largo del Sur was onze laatste bestemming in Cuba. Nou eigenlijk was het een kadootje boven op een enorm kad
oo wat we onszelf hadden gegeven. Cayo Largo del Sur is deel van Cuba, maar is eigenlijk niet Cuba. Hier komen alleen maar toeristen om in all inclusive resorts in de watten te worden gelegd. En laat dat nou precies ons doel zijn. In een omgebouwd Russisch laadvliegtuig met 2 ramen (typisch Cuba) worden wij binnen een half uur naar Cayo Largo gebracht waar een weelde van luxe op ons ligt te wachten. Witte stranden, palmbomen, blauwer dan blauw water en een
zwembad bar staan op ons te wachten. Super zo’n zandbank, ook om te duiken was het prachtig. Zelfs op de duikboot een uur eerder gevangen lobster gegeten, verser
kan je het niet krijgen. Hier zijn we nog wel Ruben zijn teva’s kwijtgeraakt, die na een nacht op het balkon plotseling verdwenen waren. Hier hebben we onze reis kunnen overdenken, en tegen elkaar gezegd dat we eigenlijk wel een zin hadden in een doorstart, bijvoorbeeld naar Azie……maar goed daar zitten onze ouders en werkgevers niet op te wachten dus ik weet niet of het er van zal komen. Wel hebben we onze volgende vakantie gepland.
